Riedel

Glaswerk uit Kufstein

Hoe een familiebedrijf groot, groter en groots werd dankzij de zoektocht naar het ultieme wijnglas.

Wat is Riedel?

Een Oostenrijkse producent van kwaliteitsglaswerk, vooral (wijn-)glazen en karaffen, die geldt als wereldleider op dat gebied. Het familiebedrijf met twaalfhonderd medewerkers maakt zo’n 50 miljoen producten per jaar, die naar 120 landen worden geëxporteerd. De leiding is in handen vader Georg (tiende generatie) en zoon Maximilian. Moeder Eva is verantwoordelijk voor de Riedel-winkels en dochter Laetitia is de bedrijfsjurist.

Wanneer ontstond het?

In ‘het glas’ zit de familie al eeuwen. De oudste bekende telg, Johann Christoph Riedel, was vertegenwoordiger in glaswerk. In 1723 werd hij op de terugweg van een handelsreis beroofd en vermoord. Zijn kleinzoon Johann Leopold richtte in 1775 de eerste Riedel-glasblazerij op. Dat was in Bohemen, waar de familie vandaan komt. Parfumflacons, onderdelen van kroonluchters, schalen, vazen, sieraden… de Riedels maakten van alles en nog wat van glas. Maar pas in de negende generatie kwam een van hen op het idee wijnglazen te ontwikkelen. Dat was Claus Josef Riedel (1925-2004). Zijn filosofie: vorm is ondergeschikt aan inhoud. Zijn eerste glazen, eind jaren vijftig, hadden een opvallend dunne mondrand omdat een dik wijnglas de temperatuur van de wijn zou kunnen beïnvloeden. Ook waren ze ongekleurd, omdat wijn alleen zo goed op de eigen kleur, helderheid en consistentie kan worden beoordeeld.

Waar wordt het gemaakt?

Na de Tweede Wereldoorlog werden de Riedels net als andere Sudeten-Duitsers uit toenmalig Tsjecho-Slowakije verdreven en werd hun bedrijf onteigend. Nadat ze in 1956 met financiële hulp van een bevriende ondernemer een glasblazerij in het Tiroolse Kufstein konden overnemen, maakten ze een herstart. Tegenwoordig vindt het overgrote deel van de productie machinaal plaats in drie fabrieken in Oostenrijk en Zuid-Duitsland. Alleen in het moederbedrijf – de Tiroler Glashütte in Kufstein – wordt glaswerk als vanouds mondgeblazen: vooral karaffen en luxe glazen. Het kleine fabriekje (één procent van de productie) is goed is voor tien procent van de omzet. Bezoekers zijn er welkom. Vanaf een balustrade op de eerste verdieping kijk je neer op de grote hal waarin  stoere mannen in knielange grijze broeken en witte hemden tussen hete ovens en koelbassins hun vakmanschap demonstreren. Laat je jas bij de garderobe achter: in de werkplaats is het met 25 tot 28 graden warm; boven loopt de temperatuur op tot wel 40 graden. Hoe leuk het ook is om de glasmakers in de weer te zien met mallen, blaaspijpen, tangen en scharen, na een half uur wil je weg.  Bijvoorbeeld naar de winkel of het outletcentrum naast de fabriek.

Waarom zo veel soorten glazen?

In 1961 bedacht Claus Josef als eerste dat wijnglazen rekening zouden moeten houden met het karakter van een druivensoort, omdat  bijvoorbeeld een Sauvignon Blanc, Pinot Noir of  Riesling qua stijl niet met elkaar te vergelijken zijn. Zo werd de inmiddels beroemde Sommelier-serie geboren. Onder Georg Riedel worden er steeds meer van zulke druifvriendelijke glazen (Grape Varietal Specific)  geproduceerd. Vrijwel alle Riedel-glazen hebben tegenwoordig naast hun serienaam (bijvoorbeeld Vinum) ook een druivennaam, zoals ‘Vinum Bordeaux’, ‘Vinum Zinfandler’ en ‘Vinum Riesling Grand Cru’. Elk jaar krijgt wel weer een andere druif een eigen glas. Verschillende ontwerpen worden dan in proeverijen met sommeliers, wijnboeren en -liefhebbers getest, totdat iedereen het min of meer met elkaar eens is: dit is het perfecte glas voor Grüner Veltliner. Of Pinot Blanc. Of Chardonnay… Of je er nou in gelooft of niet: het is in elk geval slimme marketing. Weliswaar verkoopt Riedel nog steeds eenvoudige glazen voor ‘witte’ en ‘rode’ wijn, maar die serie heet Ouverture – echt iets voor instappers dus. Als eenvoudige sterveling bekruipt je daardoor toch het gevoel dat je iets essentieels mist met slechts twee soorten wijnglazen in de kast.

Wie is schuld als een glas breekt?

U en ik. Natuurlijk, de wijnglazen van Riedel zijn dun. Erg dun zelfs. Maar ze gaan alleen stuk als je ze niet goed behandelt. Tijdens het bezoek aan de Glashütte duwt een medewerkster flink tegen de zijkanten van een glas. Het buigt mee alsof het plastic is, om bij het loslaten weer keurig in vorm te schieten. Waarom gaat het dan toch zo vaak fout? Nou, misschien stond de vaatwasser niet op het glasprogramma of lagen de glazen te dicht naast elkaar (of naast iets van metaal) : dat geeft krassen en dat maakt het glas letterlijk ‘breekbaar’. Ook fout: de glazen  tijdens het oppoetsen bij de voet vasthouden. Gelukkig geeft de website van Riedel uitgebreide instructies voor goede glasverzorging. Volg dat braaf op en er kan nog maar één ding misgaan: de toast. Alsjeblieft nooit met de mondranden van de glazen aanstoten, maar altijd buik tegen buik. Of zoals ze bij Riedel zeggen: Cheek to cheek. Dat is nog gezelliger ook. Proost.

i riedel.com

Kijk wat je allemaal in de omgeving kunt doen op onze wegwijzer.

© Vöslauer, www.peterrigaud.com
Roman Wörter© FREN Media
© FREN Media, Frits Roest
Thomas Rettl © Nina Hader© Nina Hader
© Stefan Armbruster
Oostenrijk Magazine
Oostenrijk Magazine, Emely Nobis
Oostenrijk Magazine
El Woods
Robert Kalb
Oostenrijk Magazine, Frits Roest
Oostenrijk Mahazine, Frits Roest
© Giesswein
Das goldene Wiener Herz
Benni's nest Suzy Stöckl
Sandra Heischberger Raw