Hall in Tirol

Middeleeuws juweel

Tekst: Emely Nobis / Beeld: Frits Roest

Dankzij een (invloed)rijk verleden heeft Hall in Tirol nu een van de grootste en best bewaarde middeleeuwse centra van Oostenrijk. Waar moet je zijn en wat moet je zien tijdens een verblijf in de voormalige zout- en muntstad?
Hall in Tirol

Hall in Tirol © Tourismusverband Hall Wattens

In Hall in Tirol wandel je letterlijk door de middeleeuwen. Op een plattegrond vormt de historische binnenstad een liggend ei op een heuvel boven de Inn. Smalle straten lopen steil af naar de rivier. De 330 huizen zijn vrijwel allemaal gebouwd tussen 1350 en 1550, toen Hall dankzij de zoutwinning hét economische centrum van Noord-Tirol was, groter en rijker dan Innsbruck.

Het witte goud

‘Hall’ is Keltisch voor zout; vandaar dat het woord terugkomt in meerdere plaatsnamen met een zoutmijnbouwverleden (zoals Hallein en Hallstadt). Rondom Hall werd het ‘witte goud’ vanaf de 13e eeuw hoog in de bergen gewonnen. Mijnwerkers groeven gangen en schachten door de zoutlagen, losten afgegraven zout op in water en leiden het via een 9 kilometer lange houten buis (gemaakt van uitgeholde boomstammen) richting dal. Daar werd de sole (zoutwater) in reusachtige gietijzeren zoutpannen opgevangen en gekookt tot alle water was verdampt en het zout overbleef. Bij dit alles speelde de scheepvaart op de Inn een crucia­le rol. Schippers zorgden voor de aanvoer van het vele hout (zo’n drieduizend stammen per week) waarmee de vuren brandend werden gehouden en voor de afvoer van zout naar kopers.

Smeedijzeren straatnaamborden

Smeedijzeren straatnaamborden

De zoutwinning trok naast zo’n 10.000 Knappen ook veel handwerklieden, kunstenaars en kooplui. Let tijdens een verkenning van de Altstadt op de sprekende smeedijzeren straatnaamborden met afbeeldingen die herinneren aan dit verleden. Ze zijn gemaakt door metaalbeeldhouwer Rudolf Reinhart, die vanaf 1922 in Hall leefde. Het verleden als zoutstad komt ook terug in het stadswapen: twee gekroonde leeuwen met een zilveren zoutemmer met gouden ringen tussen hun poten.

De zoutmijnen van Hall zijn tot 1967 in gebruik geweest, maar werden toen definitief gesloten als gevolg van de dalende zoutprijs en de relatief hoge personeelskosten die het werken in het hoog-Alpiene gebied met zich meebrachten. Het Bergbaumuseum, gevestigd in een voormalig paleis van keizer Ferdinand II in de historische binnenstad, is een reconstructie van een mijngang in het Hall-tal, met schachten, werktuigen, machines en mineralen. Je krijgt hier een goede indruk van de ondergrondse mijnbouw en de geschiedenis van de zoutwinning in Hall. Dat was door de (steeds hogere) afgravingen in de bergen geen sinecure. De mijnwerkers woonden meestal de hele week in de bergen, omdat de dagelijkse klim omhoog en omlaag te zwaar en tijdsintensief zou zijn.

Rondleidingen Bergbaumuseum elke maandag, donderdag en zaterdag om 11.30 uur en in augustus dagelijks (behalve zondag). Trefpunt bij de ingang: Fürstengasse 2,  hall-wattens.at

Monumentale binnenstad

Smalle steegjes

Smalle steegjes

Catastrofes bleven Hall niet bespaard. Zo werden in 1477 veel huizen verwoest door een stadsbrand en stortten bij een zware aardbeving in 1670 alle kerktorens in. De burgers van Hall waren altijd rijk genoeg om alles weer snel, mooier en hoger op te bouwen. Na de aardbeving werden de huizen bovendien verstevigd met metalen banden door de muren en dikke stenen steunpilaren tegen de gevels. Alle kerken kregen toen de barokke uientorens die nu medebepalend zijn voor het aanzien van de romantische binnenstad, die in z’n geheel onder monumentenzorg staat.

Fontein op de Obere Stadtplatz

Fontein op de Obere Stadtplatz

Op de grote Oberer Stadtplatz domineren het stadhuis uit 1406 en de parochiekerk St. Nikolaus uit 1281. Wandschilderingen in de fraaie trouwzaal van het stadhuis tonen scènes uit de geschiedenis van Hall. De trapgevel van de parochiekerk wordt bekroond met een standbeeld van patroonheilige Nikolaus. Bezienswaardig in het interieur is met name de Waldaufkapel in het noordelijke dwarsschip. Achter een smeedijzeren hek liggen op fluwelen kussens schedels van heiligen, rijkversierd met edele stoffen en stralenkransen. De relikwieën werden door Florian Waldauf, bevriend met keizer Maximiliaan­ I, in 1489 geschonken nadat beiden een storm op zee hadden overleefd. Het is een fractie van de oorspronkelijke tweeduizend exemplaren. Een groot deel ging verloren bij het instorten van de kerktoren; anderen worden bewaard in het stadsmuseum (Burg Hasegg 3).

Parochiekerk

Detail op de biechtstoel in de parochiekerk St Nikolaus, altaar in de Walkaufkapel en wandschilderingen bij het kerkhof

Op de verstilde Stiftplatz waan je je in een andere wereld. Is de middeleeuwse architectuur bepalend voor vrijwel alle straten en pleinen in het historische centrum, hier is het decor plots barok. Aan de oostzijde van het plein staat de Allerheiligenkerk: de voormalige Jezuïeten­kerk werd in 1610 voltooid en is rijk aan kunstschatten. Vanwege de goede akoestiek zijn er geregeld concerten.

Herz-Jesu-Basiliek

Façade en interieur van de Herz-Jesu-Basiliek

De façades van de Herz-Jesu-Basiliek en het Herz-Jesu-klooster (een voormalig vrouwenklooster) werden na de aardbeving van 1670 in de stijl van de barok opgetrokken. De kerktoren geldt als de mooiste van Hall en ook het interieur is prachtvol (vroeg)barok. Het Damenstift werd in 1783 opgeheven, maar sinds 1912 wonen er opnieuw nonnen. Het is sindsdien het enige Oostenrijkse klooster van de Belgische Zusters van het Allerheiligst Heilig Hart van Jezus (Sacré-Cœur). Er wonen nog vijf nonnen, die in strenge clausuur leven en dagelijks om beurten bidden en zingen in de kloosterkerk (van 5 uur ’s ochtends tot 9 uur ’s avonds). Vanwege hun witte gewaden noemen de inwoners van Hall hen de ‘witte duiven’.

De Oberen Stadtplatz, het raadhuis, de parochiekerk St. Nikolaus en de Stiftplatz worden allemaal bezichtigd tijdens rondleidingen met gids door de historische binnenstad. Informatie: hall-wattens.at

Geboorteplaats dollar

Munttoren

Munttoren (© Tourismusverband Hall Wattens) en Guldiner

Hall kreeg al in 1303 stadsrechten en daarmee ook het recht om een stadsmuur te bouwen. Die bevestiging bleek belangrijk toen in het nabije Schwaz zilver werd ontdekt. Voor aartshertog Sigmund zu Österreich (1427-1496), indertijd regent van Tirol, was dat aanleiding om de muntslag in 1477 te verplaatsen van Meran in Zuid-Tirol naar Hall. Schwaz zelf was indertijd geen optie, want het plaatsje had nog geen stadsrechten en was dus niet ommuurd.

Sigmund zu Österreich verwierf de bijnaam ‘der Münzreiche’ vanwege zijn hervorming van het munt­wezen. De gangbare munten in zijn tijd waren van goud; vandaar de naam ‘Gulden’. De waarde ervan was gelijk aan het gewicht. Kleinere, ongestempelde muntjes van koper of zilver waren niet waardevast en sterk onderhevig aan inflatie. Omdat Europa geen eigen goud had, kwam Sigmund op het idee om een dikke zilveren munt te slaan ter waarde van een Gulden. Hij noemde haar Guldiner, omdat de associatie met de Gulden vertrouwen zou wekken. Dat was in 1486.

Zijn idee vond navolging. Zo lieten de graven Schlick in het Joachimstal (nu in Tsjechië) in 1519 een zilveren munt slaan die ze Joachimstaler noemden, afgekort Taler. Na de ontdekking van Amerika werden de zilveren Guldiner en Taler (afhankelijk van de streek waar de kolonisten vandaan kwamen) de eerste valuta in de nieuwe wereld. Taler werd in het Spaans verbasterd naar dolores en gaat sinds de onafhankelijkheid van de Verenigde Staten in 1783 als dollar door het leven. Aangezien de Guldiner voorloper is van de Taler, promoot Hall zichzelf nu als de geboorteplaats van de dollar.

Burcht Hasegg

Sigmundsfontein

Sigmundsfontein

Munten waren belangrijke propagandamiddelen voor heersers. De beste tekenaars, schilders, goudsmeden en beeldhouwers werkten aan vorstenhoven om munten te ontwerpen en te slaan. Bij een wisseling van de wacht werd alle beschikbare geld gesmolten en opnieuw gemunt met de beeltenis van de nieuwe heerser. Uiteraard is Sigmund afgebeeld op de eerste Guldiner. De voorkant toont zijn profiel met hertoghoed, scepter, schild en toernooihelm en het opschrift ‘arcidux austriae’. Op de achterkant zit hij als ridder te paard en is zijn familiewapen te zien. Een bronzen Sigmund is te zien op de naar hem vernoemde Sigmundsfontein aan de Unterer Stadtplatz. Het beeld uit 1933 is, net als de metalen straatnaamborden in Hall, gemaakt door kunstenaar Rudolf Reinhart.

De muntslag in Hall vond aanvankelijk plaats in de burcht Sparberegg en vanaf 1567 in een toren van de burcht Hasegg: sindsdien munttoren genoemd. Deze burcht/ toren ligt iets buiten het historische centrum, op het terrein van de voormalige Saline (mijnbouwbedrijf). Het vooruitstekende hoekpand was vroeger deel van de stadsbevestiging (Has=haus/huis en Egg=Ecke/hoek) en in gebruik als administratiekantoor en wachttoren.

Burg Hasegg

Ingang en binnenhof Burcht Hasegg

Toen de Habsburgse vorsten in Tirol aan de macht kwamen, bouwden ze Hasegg uit tot burcht, met de Münzerturm als hoogste punt (45 meter). Wie de 186 treden beklimt, wordt nu beloond met een panoramisch uitzicht over Hall, het Inntal en het Karwendelgebergte.

In de toren is een mooi museum gevestigd over de geschiedenis van het slaan van munten vanaf de middeleeuwen tot nu en met name over het (kunst-)handwerk dat daarbij kwam kijken. Je ziet er onder meer de eerste Guldiner en op op een moderne machine kun je je eigen munt slaan. Pronkstuk van de collectie is een replica van de eerste wals-muntdrukmachine (uit 1571) die het serieel en dus uniform drukken van munten mogelijk maakte. De revolutionaire techniek werd in Hall uitgevonden en van hieruit geëxporteerd over heel de wereld. Ook het waterrad waarmee de machine werd aangedreven, is op de originele standplaats nauwgezet gereconstrueerd. Burg Hasegg 6, muenze-hall.at

In de Burg Hasegg bevindt zich ook het archeologisch museum van Hall in Tirol, dat bij een rondgang door de burcht eveneens kan worden bezocht. Meer informatie: stadtarchaeologie-hall.at




Overige Tips & Adressen

Algemeen

Hall in Tirol ligt in het Inntal, circa 10 kilometer ten oosten van Innsbruck, en is bereikbaar door op de snelweg A12 in Tirol de afrit Hall-Mitte te nemen.

Het hele jaar door zijn er op maandag, donderdag en zaterdag om 10 uur stadsrondleidingen met gids. Meer info, ook over accommodaties, evenementen e.d.: Toerismebureau, Unterer Stadtplatz 19, hall-wattens.at

Slapen & Eten

Goldener Engl
Hotel goldener Engl

Hotel goldener Engl

Slapen tussen dikke historische muren in een fraai gerestaureerd 700 jaar oud pand met veel authentieke elementen: dat biedt boetiekhotel Goldener Engl. De bij dit Schlosshotel horende Augustiner Bräu Keller is een ‘Beierse’ bierkelder: traditioneel eten dus onder het gewelfde plafond. Unterer Stadtplatz 5, goldener-engl.at

Parkhotel

Het moderne Parkhotel in een opvallende designtoren ligt iets verder uit het centrum. De keuken van het bijbehorende hippe restaurant Welzenbacher (met groot terras) is creatief regionaal. Thurnfeldgasse 1, parkhotel-hall.com

Zum Goldenen Löwen
Goldener Löwe

Goldener Löwe

Het meest authentieke restaurant van Hall is Gasthof zum Goldenen Löwen van de familie Steinmayr, met historische ruimtes die bijna museaal zijn ingericht met onder meer plastieken van metaalbeeldhouwer Rudolf Reinhart. Voortreffelijke klassieke keuken. Oberer Stadtplatz, goldenerloewe-hall.at

Ontbijt, lunch, taart

De lekkerste taart (onder meer het Haller Törtchen, een soort Lebkuchen) eet je bij Konditorei Weiler (Oberer Stadtplatz 2). Leuke ontbijt- en lunchcafé zijn Morgenbrot (Krippgasse 10) en ‘huiskamercafé’ Lizette, waar de uit Zuid-Afrika afkomstige Lizette Zöschg je verwent met Tiroolse en meer exotische snacks en zelfgebakken taarten (Oberer Stadtplatz 7-8, hoek Langer Graben).

Winkelen & Evenementen

Boerenmarkt op de Obere Stadtplatz

Boerenmarkt op de Obere Stadtplatz

Dankzij het verbod op winkelketens in de Haller binnenstad vind je hier vooral speciaalzaken, zoals de conceptstore Das Büro im Laden (Arbesgasse 13) waar ontwerpster Katrin Stiller bijzondere woonaccessoires verkoopt, en de delicatessenwinkel Gutes aus der Natur (Eugenstraße 7), met wijnen, schnaps en andere (Oostenrijkse) specialiteiten.

Het sociale trefpunt van Hall, met elke zaterdagochtend een boerenmarkt, is de Oberer Stadtplatz. Van van 22 november tot 24 december is hier een adventsmarkt, met kunsthandwerk, Glühwein, snacks, muziek en optredens (advent-hall-tirol.at). Andere evenementen op en rondom de Oberer Stadtplatz zijn het Weinfest in het najaar (als er letterlijk wijn uit de kranen van een fontein op het plein komt), de paasmarkt en het Radieschenfest (radijsfeest) in april en het Knödelfest in juni. Meer evenementen en exacte data: hall-in-tirol.at

Adventmarkt

Adventmarkt © Tourismusverband Hall Wattens

Kijk wat je allemaal in de omgeving kunt doen op onze wegwijzer.




Vollpension in der Schleifmühlgasse
Sigmund FreudWikimedia Commons
Radstadt Tourismusverband Radstadt, Air Media Karl Strauch
Österreich Werbung
Hauptplatz Retz © FREN Media
© Oostenrijk Magazine
Gids Sandor Cheizoo © Oostenrijk Magazine
© Oostenrijk Magazine
Wijnfeest Oostenrijk Magazine
© Oostenrijk Magazine
© österreich Werbung / trumler
© Oostenrijk Magazine