Niets brengt de ziel meer tot rust dan de ongerepte schoonheid van de natuur. De kloof die de Ötscherbach in de loop van duizenden jaren heeft uitgesleten in het dolomietgesteente aan de voet van de berg Ötscher is zo’n natuurfenomeen. De ‘Grand Canyon’ van Oostenrijk, zoals de Ötschergräben in de volksmond wordt genoemd, is lieflijk én wild tegelijk. Op smalle stukken perst de beek zich met alle kracht tussen de rotswanden die haar flankeren. Als de stenen wand naar achteren wijkt en het water de ruimte geeft, komt de wilde stroom tot rust en ontstaan er kleine kristalheldere meertjes waarin je op warme zomerdagen zelfs kunt zwemmen. Met de stroom verandert ook de kleur van het water. Een kameleontisch kleed van donkerblauw, turkoois, geel en smaragdgroen, nog eens versterkt door het licht- en schaduwspel tussen de bergwanden en het veelkleurige groen van de bomen. Wandelingen hier zijn extra aantrekkelijk dankzij de Mariazellerbahn die dwars door het Ötschergebied loopt. Op het bergtraject overbrugt de smalspoortrein een hoogteverschil van zo’n zeshonderd meter. Dankzij dit treintje is de kloof Ötschergräben vanaf verschillende stations te bereiken.

Meer lezen over deze wandeling en de Mariazellerbahn? Oostenrijk Magazine editie 3/2017 is te koop in onze webshop.

Kijk wat je allemaal in de omgeving kunt doen op onze wegzijzer.